Park Sonsbeek

Wie Arnhem kent, kent Park Sonsbeek. Vanaf de achterzijde van het Centraal Station loop je makkelijk richting het park dat ruim 67 hectare groot is. Op een zonnige dag ligt De Ronde Weide met daarop De Witte Villa (officiële naam: Huis Sonsbeek) vol met kleedjes waarop lekker gepicknickt en gezond wordt.

Aan de noordkant sluit het park aan op park Zijpendaal en Gulden Bodem. Samen omvatten de drie parken circa 200 hectare grond. De opening van Park Sonsbeek vond plaats in 1899 en heeft zich sindsdien voortdurend ontwikkeld. Het landgoed zelf is echter al veel ouder en is in handen geweest van verschillende baronnen. Zij zijn verantwoordelijk voor de tuinaanleg.

Hoe is het park ontstaan?
Het park Sonsbeek is een goed voorbeeld van een park in Engelse landschapsstijl. Het is zelfs een van de mooiste parken in Nederland in die stijl. In zo’n park laat de mens zien dat hij de natuur naar zijn hand kan zetten. Het landschap wordt een levend schilderij. In 1821 woonde baron De Smeth in het huis op de Hartjesberg, de tegenwoordige witte villa. Toen hij bezoek kreeg van Hendrik baron van Heeckeren van Enghuizen  gaf deze te kennen het landgoed te willen kopen. Het panorama uit de koepelzaal was bijzonder en ook economisch was het aantrekkelijk. Er was veel bedrijvigheid langs de Sint Jansbeek, waar de molens nog volop draaiden. Baron De Smeth had al in 1806 het laaggelegen gebied bij de vijvers, het eigenlijke Sonsbeek, gekocht. Samen omvatten die delen bijna het hele tegenwoordige park. Nadat Van Heeckeren het landgoed had verworven, breidde hij zijn bezit nog verder uit met vrijwel het hele gebied oostelijk van de Apeldoornseweg tot aan de Hommelseweg, het grootste deel van het tegenwoordige Burgemeesterskwartier, Alteveer en de Waterberg.

Belvedère
Drie generaties Van Heeckeren hielden het bezit in handen en legden het park aan volgens de kenmerken van de Engelse landschapsstijl. Vooral de grote hoogteverschillen waren ideaal voor deze stijl. Op een betrekkelijk klein oppervlak werd een volledig landschap nagebootst met bossen, waterpartijen, een landhuis, een moestuin, een hertenkamp en een belvedère. Het doel van die belvedère was om aan de gasten te laten zien hoe rijk ze waren, want vanaf die hoogte waren de landerijen goed te zien. Op zondag kan men tegenwoordig in die toren en kan men nog de sporen van vroeger in het landschap zien.
Onder andere vanwege het kostbare onderhoud, werd Sonsbeek in 1898 verkocht aan de gemeente Arnhem.

Sonsbeek – Sint-Jansbeek
De naam Sonsbeek komt oorspronkelijk van de Sint Jansbeek. Aan deze beek oefenden eeuwenlang molenaars hun bedrijf uit. In de hoogtijdagen stonden er zeven molens langs de beek. Hiervan functioneert alleen de Witte Molen nog. De watervallen in het park geven nog aan waar vroeger de molens stonden. Ook in De La Reystraat stond een watermolen.

De charme van de aanleg van park Sonsbeek wordt versterkt door de grote en kleine monumenten, zoals de hangbrug en de watervallen. Aan de rand van het park is in de voormalige Begijnenmolen sinds 2004 het Nederlands Watermuseum gevestigd.

100 jarig jubileum
In 1999 werd ter ere van het 100-jarig jubileum de Steile Tuin aangelegd en werden de horecagelegenheden uitgebreid.

Park Sonsbeek nu
Er wordt veel georganiseerd in Sonsbeek. Het park kent in de zomer een uitgebreid programma tijdens Park Open, waarbij de bezoeker gratis kan genieten van verschillende muzikale optredens. Elke eerste zondag van de maand vindt gedurende het hele jaar de Sonsbeekmarkt plaats, waar men terecht kan voor (culinaire) streekproducten.

Daarnaast kan men eens in de paar jaar genieten van de beeldententoonstellingen in het park, waarbij elke editie een ander thema heeft.

Los van de verschillende activiteiten kent het park een verscheidenheid aan vaste attracties. Bezoekers kunnen bijvoorbeeld een kijkje nemen bij het Watermuseum of wandelen langs de vijvers, fonteinen en de twee watervallen. De ijskelder is een mooie toeristische trekpleister en wie wil kan uitzichttoren de Belvedère beklimmen.